Recensies

  • Woon ik hier

    Jos Verstegen
    Woon ik hier

    Dit hoofd, te licht haast om te dragen

    Veel verzorgenden lijden aan de hardnekkige kwaal bewoners op leeftijd overdreven luid toe te spreken, want het gehoor zal wel niet al te best meer zijn, toch mevrouw? Een bijkomend verschijnsel is het betuttelende toontje waarop de verzorgende de vergeetachtige bewoner helpt de belangrijke dingen van zijn of haar leven te herinneren: uw man was machinist, hij overleed dit jaar.

    De lezer behoeft om die reden eigenlijk geen enkele toelichting bij de bundel van Woon ik hier  van Jos Versteegen. Hij slaat precies die ‘tone of voice’ aan die is voorbehouden aan de omgeving van ouderenzorg. Als een van de dichters van Eenzame Uitvaart in Amsterdam reconstrueert hij regelmatig levens aan de hand van kleine aanknopingspunten. Zo kwam hij als dienstdoende dichter bij de uitvaart van mevrouw De W. ook eens in het verzorgingstehuis aan de overkant van zijn straat. Dat bracht hem op het idee om de bewoners voorafgaand aan de dood aan de tand te voelen.

    Het leverde een bundel met portretten op. Hoewel eerdergenoemde betuttelende toon een bron van ergernis kan zijn, sluit het taalregister perfect aan op het voorportaal van de dood. Het versterkt het gevoel uiteindelijk allemaal gelijk te zijn in onze sterfelijkheid. Nadeel is dat de bewoners ook niet losgezongen raken van hun omgeving. Het is de grote grijze gemene deler: ‘Er waren anderen, veel anderen, mevrouw,/ die net als u op laatste kamers woonden./ Een gang met woorden, en ze gingen in en uit./ Dit was uw kamer. Zicht op het park’, dicht Versteegen voor mevrouw De W. in ‘Een Zwijgen’. Zowel in woordkeus als inhoudelijk benadrukt de dichter het generieke.

    Maar gelukkig bestaat de bundel uit meer dan clichés. De dichter heeft gevoel voor het verhaal en tekent de persoonlijke anekdote met veel compassie op: ‘U praat een droevig kind tevoorschijn/ dat naar zijn vader heeft gezocht,/ aanklopte bij het juiste huis (..) beplensd werd uit een oude po./ U glimlacht uit uw smalle hoofd.(..) dit hoofd,/ te licht haast om te dragen.’ Het zijn dit soort scherpe observaties die de gedichten en de persoon erachter laten schitteren.

    UitgeverNieuw Amsterdam
    Jaartal2017
    RecensentDieuwertje Mertens
    Editie2017-1