Recensies

  • Liever niet

    Armando
    Liever niet

    De eigen stem beluisteren

    Armando is een dichter die liever terugkijkt dan zijn blik op ‘de heilige toekomst’ te richten, zoals hij in een van de gedichten in zijn nieuwe bundel schrijft. Het hoeft voor hem niet zo. Dat lijkt een zwak protest tegen zoveel vernietiging, maar dat is het niet. In hetzelfde gedicht lezen we ook dat ‘de nacht op zich liet wachten’ en ‘er werd bewogen en geleefd.’ Juist in de lichtheid daarvan, in de onverwacht opgewekte toon die soms opduikt, schuilt iets van opluchting. En volhouden doet Armando wel, zelfs al hoeft het niet.

    Armando heeft zijn diepe betrokkenheid bij de wereld altijd vormgegeven in harde, onsentimentele gedichten, doorschoten met gekoelde woede – denk aan een formulering als ‘huilende geweren’. Er zijn weinig dichters die ermee wegkomen. Maar er is ook altijd die andere kant geweest: regels die neergeschreven lijken met een twinkeling in de ogen, of met een relativerende glimlach om de mondhoeken. Zo ook in deze nieuwe bundel, met de toepasselijke titel Liever niet. Zijn hoofdthema’s – geweld, dood, oorlog – zijn er weer, in gedichten die zijn handelsmerk zijn geworden; een lapidaire titel (‘Twijfel’, ‘Taal’, ‘Pijn’) dat als motief dient. Niet alle gedichten zijn los even sterk, soms verdrinken ze in hun pathos, maar tezamen vormen ze toch een indrukwekkende cavalcade van klank en ritme.





    Ook aanwezig zijn de ‘schuldige landschappen’ waarmee hij de Nederlandse taal en het ideeëngoed verrijkte, de natuur die het allemaal gezien heeft en toch door blijft groeien. Tegelijkertijd toont hij zich in zijn poëzie steeds doordrongen van de zinloosheid van zijn verzet ertegen. Maar wat betekent het om gezien te hebben? Armando compliceert die vraag. Hij maakt getuigen van doden, plekken, dingen. Waren de bomen op zijn schuldige landschappen nog getuige van de verwoesting, de getuigen in Liever niet ‘zien’ niet meer:

     

    Er zijn geen getuigen meer.
    Getuigen
    
van de dingen die ze zagen,
    die ze moesten zien,
    maar niet meer willen zien.
    Getuigen die steeds blijven zwijgen.

     

    Het raadsel van het bestaan van geweld kan niet worden opgehelderd, mag zelfs niet worden opgehelderd. Zoals Armando in het titelgedicht van de bundel schrijft:

     

    Helaas,

    het is niet echt gebeurd,

    niet echt gebeurd,

    nee, liever niet gebeurd.
    
Kan er iets gebeuren als

    er lachend liever niets gebeurt?
     
    Nee,

    het zijn soms woorden en zelfs zinnen,
    liever geen begrip,

    of een hakken met de hamer,
    
nee, liever niet.

     

    Deze bundel is doortrokken van een te laat, van onontkoombaarheid. Maar de tijd neemt ook andere gedaanten aan, zoals al te zien in het geciteerde titelgedicht: niet die van het verleden dat onherroepelijk voorbij is, maar nog in wording is. ‘Weldra heeft hij u ontmoet’, lees je in het lange, dreigende openingsgedicht over een bijna allegorische ontmoeting tussen een U en een hij, waarin de dichter

    geraffineerd aarzelt, de ontknoping uitstelt. Uiteindelijk krijgt de verstrijkende tijd alleen weerwoord van andere woorden, van poëzie. Maar is dat alleen futiel? In een van de poëticale gedichten – of die ik zo kies te lezen – beschrijft Armando iets wat op een methode lijkt, of op het proces dat tot een gedicht leidt:

    Waarschijnlijk hangen woorden te drogen,
    kan de eigen stem beluisterd worden.


    Als gedichten daarin slagen – en dat lukt in deze bundel zeker op een aantal momenten – slagen ze erin ademruimte te winnen op geschiedenissen van verwoesting.

    UitgeverAtlas Contact
    Jaartal2017
    RecensentFrank Keizer
    Editie2017-2