Recensies

  • Het is warm in de hivemind

    Maxime Garcia Diaz
    Het is warm in de hivemind

    Poëzie van een digital native voor iedereen 

    ze bereiden zich voor om gierend van het lachen
    in theekopjes rond te draaien, winkels leeg te kopen,
    met fonkelende hoektanden door de straten van parijs te lopen
    steden plat te branden
                    the maddest queen
    de storyworld te betreden, zich aan een spinnewiel
    te prikken en met hun bloed
    een narratieve machine te voeden


    Het lange gedicht ‘Artificielle’ becommentarieert de geconstrueerde werkelijkheden waar we dagelijks mee te maken krijgen, maar zwelgt er tegelijk op een heerlijke manier in: er schuilt een zeker genot in de nepheid – de wetenschap dat zulke groteske nepheid bestaat en dat dit bepaalde vrijheden met zich meebrengt. Het gedicht toont de gevolgen van onze informatie- en popcultuur, die steeds weer dringend op de deur komen bonken, smekend om binnengelaten te worden. De deur staat echter al wagenwijd open: het is veel te laat om ze nog tegen te proberen houden. 

    Het is warm in de hivemind is een gelaagd, veelstemmig project met diepe wortels in de slamcultuur en het internet. Maxime Garcia Diaz schrijft niet alleen in drie talen (namelijk in het Engels, Nederlands, Frans), maar trekt ook binnen die talen een heleboel registers open. Van oldschool ‘sms-taal’ tot academische woordkeuzes: het komt hier allemaal samen. Deze invloeden zijn niet alleen terug te zien in het taalgebruik, maar ook in de enorme hoeveelheid verwijzingen die de pagina’s vullen. De bundel zit tjokvol citaten en referenties, van Allen Ginsberg en Sylvia Plath tot Harry Potter, Neopets en The Sims. Binnen de reikwijdte van popcultuur tot aan klassieke oudheid navigeert Diaz behendig alle implicaties van haar verwijzingen, zonder dat de gedichten zwaarmoedig of juist al te lichtvoetig worden. Ze zweven er altijd tussenin, ergens in het niemandsland van de digital native. Dat is precies wat Het is warm in de hivemind doet: het belichamen van digitale cultuur in al haar aspecten; haar cynisme, haar oprechtheid op onverwachte momenten, haar uiteenlopende gemoeds toestanden, haar platheid, haar geconstrueerdheid, haar oorverdovende overprikkelende veelheid. Deze bundel laat de ontwikkeling van een identiteit zien tussen een veelheid aan stemmen, de woorden van duizenden anderen die dag na dag het leven van de digital native 

    Het is warm in de hivemind belichaamt hoe het is om nu te bestaan – om jong te zijn. Dit gevoel komt op een hoogtepunt in ‘mad girl theory, or: audrey wollen never answered my email :(’, een mythologisering van de identiteitsproblemen van vrouwen en meisjes van nu, gestigmatiseerd door psychische problemen, eetstoornissen, marketeers en de wens van veiligheid. Hoe dicht het digitale, tekstuele en het lichamelijke in deze tijd bij elkaar liggen wordt duidelijk in onder andere het gedicht ‘slijm winter water (Lichaamssappen, Vol. 1)’: vormen. 

    dit is grenspolitiek
    ik verschijn in de openbare ruimte en het woord verlaat mijn mond als een rookwolkje
    ik hul mezelf in nevelgewaden: ziekte, dood, etc. 
    biopower is available in cream, pill, and vaporizer form 
    het tehuis voor orphaned references:
    ooit hadden we moeders & source texts nu
    zijn we wild groeiend wintervlees
    onze vacht verfijnd, licht licht & etherisch, easy 2 ignore 
    de openbare ruimte krast haar nagels in mijn vel 


    De gedichten lijken soms net met montagetechnieken in elkaar gezet: het voelt alsof je als lezer in een ruimte met dertig beeldschermen wordt geplaatst en er van alle kanten informatie op je wordt afgevuurd. Het is duidelijk dat je, wanneer je naar één stem luistert, iets intrigerends zult horen, maar soms is het moeilijk om te kiezen welke stem je horen wil, omdat je van alles iets mee wil krijgen en juist daardoor soms even niets meer meekrijgt. De bundel is ‘nu’. Misschien spreekt niet alles in deze ruimte, de ruimte van ‘de hivemind’, de taal van de lezer, maar dat hoeft ook niet: de woorden over je heen laten komen is soms ook voldoende. En nog een keer, en nog een keer. Er valt steeds meer op zijn plek. 

     

    UitgeverDe Bezige Bij
    Jaartal2021
    RecensentNora van Arkel
    Editie2021-3