Recensies

  • De dagen

    Willem van Toorn
    De dagen

    Verzet tegen het einde

    Geen grote koerswijzigingen in Willem van Toorns nieuwe bundel De dagen. Dat hoeft misschien ook niet op je 84e met een carrière van meer dan 40 jaar als dichter, schrijver en vertaler. De bundel bestaat uit vijfendertig gedichten, op ongeveer even zoveel pagina’s, in begrijpelijke, onopgesmukte taal. Van Toorn is een begenadigd, empathisch observator en beheerst de kunst van het uitlichten van een moment, ding of geluid om van daaruit een verhaal te vertellen. Vaak zijn de gedichten de weg naar herinneringen, bijvoorbeeld in ‘Vide-grenier’ (rommelmarkt): ‘dit is de economie/ van het kleingeld, de weemoed, het gedeukte,// gescheurde maar weer opgelapte, van wat ooit geliefd,/ onmisbaar was. En van nog niet verloren dromen,/ van tijd, dat er een toekomst was.’ 

    Deze thematiek is niet nieuw voor Van Toorn. Wellicht onvermijdelijk – op een bepaalde leeftijd is er meer om op terug te kijken dan om naar uit te kijken. In 2013 schreef Luuk Gruwez in De Standaard over Van Toorns bundel Bezweringen al: ‘Misschien is dít wel zijn ultieme drijfveer: zijn strijd tegen de teloorgang van het geheugen.’ In 2018 heeft Van Toorn de strijd voortgezet met zijn – nemen we voor het gemak aan – autobiografische bundel De jongenskamer. De dagen wordt net als Bezweringen bevolkt door de doden, maar uit deze nieuwste gedichten spreekt verzet tegen het einde. In ‘Bisogna Morire’, het hart van de bundel, wisselt de dichter eigen strofes over het verdriet om wat er verloren zal gaan met hem (‘waar bergen we dat allemaal op/ als het niet meer kan in die kop/ van mij omdat die niet meer daar is?’) af met stanza’s uit de Passacaglia della vita van Stefano Landi waar een lijdzame berusting uitspreekt: ‘Er is geen manier/ om deze knoop te ontwarren,/ vluchten is zinloos,/ we moeten toch sterven.’ Maar vrede heeft de dichter er niet mee. In ‘Pip’ verzet zelfs de harde aarde zich, wil het graf niet gedolven worden: ‘De machteloze spade/ eerst geprobeerd, maar dan toch het houweel/ om ver de tuin in diep genoeg te graven.’

    UitgeverQuerido
    Jaartal2020
    RecensentAnne ter Beek
    Editie2020-3