Recensies

  • Vallen

    Emma Crebolder
    Vallen

    Vallen en nog eens vallen en nog eens

    Vallen heet de jongste bundel van Emma Crebolder en dat zullen we weten ook, op elke linkerpagina ‘vallende’ letters uit het woord ‘vallen’ en op elke rechterpagina een tienregelig gedicht met iets van vallen: bevallen, bijval, bevallig, aanval, valscherm, knieval, vallende ster, valreep, tongval, het woordenboek heeft niet voor niks geleverd. Het begrip ‘val’, ‘vallen’ is dus de ruggegraat van deze strak gecomponeerde bundel, zoals ‘vergeten’ dat in haar vorige bundel was.

    Vallen heeft overigens van alles en nog wat te bieden, verzen over geboorte, dood, liefde, kosmos, cultuur, natuur. Crebolders gedichten zijn zo slecht niet, ze spelen met taal maar zoeken ook naar betekenis; anekdotiek wordt op een hoger plan getild; zowel neergang (het pure vallen) als opgang (bevallen) worden bezongen, in bijvoorbeeld dit exemplaar over een letterlijk ‘ingestorte’ leraar: ‘Ik val in, ik vervang/ vandaag de ingestorte// collega. Wat brak bij hem of kneusde/ hij zich vooral? Er lijkt weinig/ bekend over zijn helen of/lijden. De leerlingen kijken// me gedwee naar mijn plek./ Hij brak zijn nek, weten zij.// Zou ik aan hen vragen of zij/ vervallen in stilzwijgen kunnen vertalen.’ Maar het grote bezwaar van deze bundel vind ik dat in elk gedicht die ‘val’ zo nadrukkelijk moet voorkomen, alsof de schrijfster bang is dat we de boodschap in de titel zullen missen. In sommige gedichten telde ik vier, vijf ‘vallen’ tot rare woorden als ‘valneiging’ en ‘valgat’ aan toe. Ik hoopte nog even dat naar het einde toe dit verschijnsel zou wegvallen (no pun intended) zodat we de val zouden vóelen in plaats van almaar benoemd te zien, maar nee, ze blijft ons ermee bombarderen. Jammer is dat, ze doet zichzelf ermee tekort en onderschat tegelijkertijd de lezer.

    UitgeverNieuw Amsterdam
    Jaartal2012
    RecensentRob Schouten
    Editie2012-2