Recensies

  • Je zadelt een vlinder

    Henry Sepers
    Je zadelt een vlinder

    De poëzie komt maar niet los

    Sommige dichters zou je toewensen dat ze zich sneller vervelen, zeker als ze verzeild raken in abstracte onderwerpen als tijd, leven en dood. Maar ik vrees dat Henry Sepers zich niet snel verveelt. Dit schrijft hij in Je zadelt een vlinder, zijn derde bundel:

    Je dacht: de tijd is een huisje in een streek van de eeuwigheid.
    Je vertreedt je er een wijle in, voelt af en toe aan de deurknop,
    maar de deur blijkt telkens weer gesloten. Ooit ben je
    hier binnen gekomen, maar je weet niet hoe, ooit ga je
    deze verglijdende ruimte verlaten, maar je weet niet hoe

    Hij gebruikt ouderwetse woorden, waarschijnlijk om het idee van de verglijdende tijd te benadrukken. Verder volgt hij op goed geluk een paar associaties met een deurknop en een gesloten deur, maar het blijft zo theoretisch dat je het met de beste wil van de wereld niet spannend kunt noemen.

    Het volgende gedicht gaat over kinderloosheid, bij uitstek een onderwerp dat onder de huid kan kruipen. Waarom heb je je kind niet toegelaten in dit huisje? Was het luiheid, was je niet handelingsbekwaam? Nu speelt het kind buiten en kent zich niet. Maar alleen hierbinnen speelt het buiten want buiten is het niet.

    Het drama van kinderloosheid ketst af op de denkkronkel waarin Sepers terechtkomt als hij het kind buiten het leven, oftewel buiten het huisje laat bestaan, of juist niet bestaan. Wie zou zich voor zulk droogzwemmen interesseren?

    Zelfs zijn grovere gedichten bieden geen tegenwicht. Eén ervan heet ‘Zij fakete een orgasme’ en daarin staat ‘een stem penetreerde haar oren/ zaaide een woord in haar buik’. Wat moet je dan denken? Goed verzonnen?

    Het is me volstrekt onduidelijk wat Sepers wil 
    bereiken. Wat hij ook in stelling brengt aan filosofietjes, grappen en driften, zijn poëzie komt maar niet los. 

    UitgeverMagonia
    Jaartal2015
    RecensentBas Belleman
    Editie2015-3