Recensies

  • Massastrandingen

    Moya De Feyter
    Massastrandingen

    Goedaardige wonden

    Hoe kom ik nader tot de ander, dichter bij wat vreemd is aan mij, in mij? In Massastrandingen, haar nieuwe, breed uitwaaierende bundel wil Moya De Feyter opnieuw contact maken met datgene waarvan ze gescheiden is geraakt. Allereerst op interpersoonlijk niveau, maar ook op veel grotere, kosmische schaal – tot die twee niet meer zo goed uit elkaar te houden zijn.

    Dat zal ook de reden zijn dat de bundel is gecomponeerd als één lang gedicht in verschillende sporen die in verschillende lettertypes zijn afgedrukt. Er is een stervende grootmoeder, een driehoeksverhouding met een man en een vrouw, een prozagedicht over een empathische jongen die over walvissen leest en een meisje dat zich in het heelal verdiept. De bundel bevat veel visuele elementen, die ik niet echt geslaagd vind – ze beelden te nadrukkelijk uit wat er staat, wat ze tot gimmicks maakt.

    De montages doen al genoeg. Want daarin schuilt de kracht van deze bundel: de overgangen tussen verschillende werelden – die van mens, dier en plant, zelf en ander, oud en jong, man en vrouw, ‘hier’ en ‘daar’ – en verschillende stijlen: van vertellend tot onderzoekend, documentair.

    Uit de bundel spreekt een grote betrokkenheid bij alles wat leeft, en een grote gevoeligheid voor de verstrengeling van verwoesting, verval, groei en leven. Die afhankelijkheid is bovenal een ethisch appel – hoe te leven zonder ander leven onmogelijk te maken? Er klinkt zelfverlies en vervreemding door, omdat zonder de pijn daarvan geen werkelijk contact mogelijk is: ‘liefhebben is een slechte strategie om pijn te vermijden’, schrijft De Feyter. Communicatie gaat via ‘goedaardige wonden’, met de huid open. De omtrekken van het zelf en van het menselijke, worden voortdurend op de proef gesteld om een wijdere intimiteit mogelijk te maken, een symbiose – zoals het ‘vlokreeftje dat enkel in de huid van een grijze walvis voorkomt’.

    UitgeverVrijdag
    Jaartal2019
    RecensentFrank Keizer
    Editie2019-3