Poëzie Live

Awater is meer dan een tijdschrift. We staan met regelmaat op literaire festivals, in boekwinkels en elders op een podium met een poezieprogramma: Awater Live. Hier lees je de verslagen van eerdere edities, vaak met luisterfragmenten.
Daarnaast zoeken we de poëzie op door festivals in het hele land te bezoeken: met een stand of als bezoeker, zoals Poetry International, De Nacht van de Poëzie of Dichters in de Prinsentuin. Hiervan doen we op deze plek ook verslag.

  • Hugo gedichtenwedstrijd

    29 januari 2025
    Hugo gedichtenwedstrijd

    Tekst: Alek Dabrowski
    Foto’s: Hermen Hoek, Erik Scheepers en Alek Dabrowski

    Woensdag 29 januari, de avond voorafgaand aan de Poëzieweek, vond op Rotterdam-Zuid de finale plaats van de Hugo gedichtenwedstrijd. Het is inmiddels een mooie traditie geworden: OSG Hugo de Groot uit Rotterdam Charlois organiseert jaarlijks een gedichtenwedstrijd. Dit jaar vond deze voor het eerst buiten de muren van de scholengemeenschap plaats. In een bomvol Theater Walhalla keken de genomineerden, met ouders, docenten en medeleerlingen naar voordrachten uit vijf categorieën. Poëzietijdschrift Awater was erbij betrokken; ik mocht jureren en alle genomineerden kregen een goodiebag met een Awater en een bundel mee naar huis.

    Bijna tweehonderd leerlingen hadden een gedicht ingestuurd rond het thema ‘Ik’. Naast de onderbouw en de bovenbouw was er een categorie ISK (Internationale schakelklas) en een categorie Engelstalig. Bovendien konden dit jaar ook leerlingen uit groep 8 van scholen uit de buurt van de Hugo de Groot meedoen. Het leverde een zeer gevarieerd aanbod aan gedichten op: van heel persoonlijk en filosofisch tot aards en humoristisch aan toe. Er werd weinig rijm gebruikt, hier en daar dook straattaal op en ik kwam, met name in de onderbouw, opvallende taalconstructies tegen.

    Er waren tien leerlingen per categorie genomineerd en voor de avond uitgenodigd; hieruit waren drie finalisten gekozen die mochten voordragen. Jim Ponsioen is een van de leraren, hij presenteerde de avond met veel enthousiasme en dynamiek. Jim speelde daarnaast mee in de schoolband die tussendoor optrad. Per categorie mocht ik de winnaar (die vooraf gekozen was) uitroepen, toespreken en de prijs van twee kaartjes voor de Efteling geven. Ik was verrast en ontroerd door de voordrachten. Vooraf was er in de klas geoefend, maar toch is het verbazingwekkend dat niemand van de vijftien dichters struikelde over de zinnen of ergens vastliep. Hulde aan de docenten die met zoveel toewijding de leerlingen hebben begeleid hierin.

    Per categorie ging ik inhoudelijk op het werk in. Bij Groep 8 won Annika van der Doorn van de Globetrotter Katendrecht. Zij schreef een persoonlijk gedicht over haar zieke moeder, met daarin de regels: ‘Maar mijn hoofd is zo leeg/ omdat ik wil slapen.’ In de onderbouw ging de prijs naar Ishika Badal uit 1AA met het gedicht Sarcasme. De regels zijn kort en krachtig; er is geen interpunctie en er zit humor in het gedicht. De mooiste regels, misschien wel van de hele avond, vond ik: ‘Als er ergens een bed is/ Ben ik er niet’



    Bij de categorie Engelstalig gebeurde er iets wonderlijks. Het winnende gedicht was Remembrance van Athena Crabtree uit 4AA. In korte, melodieuze regels weet zij een mysterieuze sfeer op te roepen. Vooraf had ik genoteerd dat het gedicht leest als een songtekst. Athena pakte de zaal in door haar gedicht a capella te zingen, het was heel bijzonder. Uit de gedichten van de ISK was Ilgin Eylül Demir als winnaar gekozen. In haar gedicht beschrijft zij de drang tot vluchten en vrijheid tegenover de wens om ergens te blijven: ‘Ik vlieg al eeuwen,/ Maar ik wil nu lopen.’

    Tot slot kwam de bovenbouw aan de beurt. De sfeer van de ingezonden gedichten was anders dan die van de onderbouw; er zat meer reflectie in de teksten, er werden soms ingewikkelde constructies gebruikt en ik trof mooie vergelijkingen aan waar ik over na moest denken. Wat zeker niet wil zeggen dat ingewikkelde poëzie automatisch beter is dan eenvoudige poëzie. De winnaar Cehong Hu uit 5AA komt uit het Chinese bergdorp Guilin. In het gedicht wordt een nostalgisch beeld opgeroepen van een warme jeugd, maar het mondt uit in filosofische reflectie over eindigheid. De openingszin is zeer krachtig: ‘Bergen omarmen mijn jeugd'.



     

    Naast voordrachten en muziek van de Hugo band, speelde een leerlinge piano en was er een collectieve voordracht van een gedicht dat een klas samen had geschreven. Deze gedichtenwedstrijd met de afsluitende avond, is een schoolvoorbeeld van hoe poëzie onderdeel kan zijn van het taalonderwijs. De docenten waren uiterst tevreden en gaven aan dat er volgend jaar wellicht naar een grotere zaal gezocht moet worden. Hopelijk is Awater dan weer van de partij en mag ik wederom jureren.

    Tot besluit geef ik een aantal losse regels uit verschillende gedichten die mij aanspraken. Ik doe hier de makers van de gedichten iets te kort, maar door de regels uit te lichten winnen ze naar mijn idee ook aan kracht. 



    Groep 8 en onderbouw

    Zoek in de goede hoek naar wat je moet  
    (Olle Heijboer en Tim Jaarsveld)


    Als ik dingen ontken,
    Als ik dingen verberg?
    Is dat dan erg?
    (Judie Hamelink)


    Ik ben een vlam, een zacht geluid,
    Een stille stroom die nooit besluit.
    (Israa Ahmed)


    ik wil naar buiten
    maar ik wil ook naar binnen
    (Giannys Marcera)


    De lucht is aan het zweven,
    Maar wij zien het niet gebeuren
    (Mesoma Okafor Eze)


    ISK en bovenbouw

     
    Wat een bende boel, mijn hoofd. 
    (Saad Ditta)


    Woorden worden gesproken als pijlen,
    die mij telkens weer binden,
    aan dingen die ik niet wil zijn.
    (Desray de Goey)


    Een machteloos lichaam, met enkel mijn zijn,
    (Saadi Anwar)


    It is you who offers the poison,
    And I who shamelessly accept
    (Sevval Taşbaş)


    The closer I stand, the further you fall
    (Mariia Liakh)