Poëzie Live

Awater is meer dan een tijdschrift. We staan met regelmaat op literaire festivals, in boekwinkels en elders op een podium met een poezieprogramma: Awater Live. Hier lees je de verslagen van eerdere edities, vaak met luisterfragmenten.
Daarnaast zoeken we de poëzie op door festivals in het hele land te bezoeken: met een stand of als bezoeker, zoals Poetry International, De Nacht van de Poëzie of Dichters in de Prinsentuin. Hiervan doen we op deze plek ook verslag.

  • Awater Live in Bibliotheek Nieuwegein

    3 december 2024
    Awater Live in Bibliotheek Nieuwegein

    Awater Live: Nieuwegein, Bibliotheek, 29 november 2024

    Ze kwamen van heinde en ver. Letterlijk. En ze kwamen met veel. Maar niet alleen omdat Spinvis een van de gasten was tijdens Awater Live in de bibliotheek van Nieuwegein waar het najaarsnummer van 2024 werd gepresenteerd. Het oplettende publiek had ook veel aandacht voor Pieter Van de Walle, Vicky Francken en Ingmar Heytze. De eerste droeg nieuw werk voor dat ontstond uit een samenwerkingsproject tussen Awater en de SLAA, Vicky en Ingmar reageerden beide met een gedicht op de poëzie van Frank Koenegracht. En Spinvis: hij zong (verzoeknummers).


    Tekst en foto's: Liliane Waanders


    Pieter Van de Walle
    Poëzietijdschrift Awater en de Stichting Literaire Activiteiten Amsterdam werken samen in het online-poëzieproject SLAAxAwater. Hoofdredacteur Myrte Leffring koppelde Pieter Van de Walle aan Awater-redacteur Thomas Möhlmann.

    Bioloog en (klimaat)dichter Van de Walle ervoer de samenwerking met Möhlmann als zeer aangenaam. ‘Ik heb hem gestuurd waar ik mee bezig was, gedichten in wording - ik denk dat de meeste dichters altijd wel iets hebben liggen. Uit de vier gedichten die ik stuurde, koos Thomas er twee die hij interessant vond. Uiteindelijk heb ik voor SLAAxAwater drie gedichten gemaakt die min of meer bij elkaar horen: “Boekhouding”, “De lente halen” en “Ringweg”. In totaal heb ik van elk van die gedichten wel tien versies gemaakt, maar Thomas heeft er maar twee of drie gezien.’



    Van de Walle schrijft behalve poëzie ook proza. Tot voor kort wisselde hij het een met het ander af, inmiddels weet hij dat focussen op een van de twee betere resultaten oplevert, en concentreert hij zich de komende maanden op zijn gedichten in de hoop tot een bundel te komen.

    Pieter Van de Walle droeg zijn gedichten (en een bonusgedicht) voor:



    Frank Koenegracht

    In het najaarsnummer van Awater gaan vijf dichters symbolisch in gesprek met Rotterdamse psychiater/dichter Frank Koenegracht. Vicky Francken, Jonathan Griffioen, Elma van Haren, Ingmar Heytze en Yentl van Stokkum kozen een gedicht van Koenegracht en reflecteerden met een eigen gedicht op Koenegrachts poëzie.
    Tijdens Awater Live ging bureauredacteur Alek Dabrowski, zelf een groot liefhebber van Koenegrachts werk, in gesprek met Vicky Francken en Ingmar Heytze, ook fans.

    Vicky Francken: ‘Wat mij zo aanspreekt in zijn gedichten is dat hij bijzondere  combinaties maakt, die ontzettend verrassend zijn terwijl je tegelijkertijd denkt: ja, zo is het. Ik wist het niet, maar zo is het. Zijn werk is glashelder, trefzeker, het is raak, en tegelijkertijd is het compleet nieuw. Je kent het nog niet, maar aanvaardt het als volstrekt vanzelfsprekend. Ingmar Heytze benoemt de lichtheid en humor in het werk, absurdisme en vervreemding, en de volle zwaarte van het leven. Ingmar Heytze: ‘Koenegracht is een door mij gretig aangenomen vader. Van de kant van de vader gaat dat met enige goedgehumeurde tegenzin. Het komt meer van mijn kant.’ Francken: ‘Koenegracht is voor mij ..geen vader, wel een voorbeeld. Maar ik lees graag en veel, dus ik heb vele voorbeelden. Maar zijn werk is me absoluut dierbaar.’ Heyte: ‘Ik probeer gedichten à la Koenegracht te schrijven, en dat lukt dan niet.’ Waarna Heytze een pleidooi houdt voor veel lezen als voorbereiding op het willen schrijven.



    Tot slot snijdt gespreksleider Dabrowski aan dat Koenegracht woorden en woordcombinaties gebruikt die zich vastzetten in je hoofd, die je vervolgens maar blijft herhalen. Een woord dat in zijn hoofd is blijven zitten is ‘Molstad’. Koenegracht schreef een reeks gedichten over Molstad – een cyclus bedoeld als weerwoord tegen het intimiderende Rotterdam - die hij vervolgens verwierp. Francken: ‘Wat ik een heel mooie zinsnede vind, is: “De kalmte van de maan bij walvislicht”. Hij heeft het ergens ook over “Onder de zuurstofdolkjes van het gras”. Heytze schiet meteen een gedicht te binnen: ‘

    “Radio

    Ga weg bij de radio
    want anders hoor je de filosoof André Klukhuhn
    zeggen ‘de taak van de schrijver is: hij moet

    de toegang van de ziel laten zien. Maar
    dat is geen eenvoudige zaak!
    Deze toegang is nl. onzichtbaar’.

    Wat ben ik blij dat ik geen filosoof ben
    maar in het bezit van een grote blonde vrouw,
    het juiste middel tegen alle filosofie,

    maar wellicht niet tegen André Klukhuhn
    die in onze hoofden wil rondstampen en drenzen.

    Vrijend en turend door versgeslepen lenzen”,

    “rondstampen en drenzen”, dat is toch prachtig. Vooral “drenzen”.’

    Waarna

    Vicky Francken

    en

    Ingmar Heytze



    een gedicht van Koenegracht en van zichzelf voordragen.

    Spinvis

    Een vaste rubriek in Awater is ‘Debutant interviewt voorbeeld’. Sara Eelen, ze debuteerde met Het nodige breken, sprak met Spinvis, die zijn liedteksten absoluut niet ziet als poëzie, maar het niet erg vindt als mensen die teksten als zodanig lezen. Tijdens Awater Live ging Myrte Leffring met hem in gesprek.



    Spinvis: ‘Ik kan niemand verbieden mijn teksten als poëzie te lezen, maar zo zijn ze niet bedoeld. Mijn werk wordt pas in zijn hele hoedanigheid duidelijk als je de melodie erbij hoort. Ik maak de keuze voor een bepaalde zin of voor een bepaald woord, omdat de melodie daar om vraagt. Een goede melodie gaat ergens naar toe en dan moet je zorgen dat dat woord daar dan terechtkomt. Als je dat lossnijdt van de muziek, dan kan het wel wat moois zijn, maar dan weet je niet precies waarom die keuze is gemaakt. Een bladspiegel staat stil, terwijl een liedje drie minuten duurt. Een gedicht en een liedtekst hebben overeenkomsten, maar vooral heel veel verschillen.’

    Leffring: ‘Wanneer is iets af?’ Spinvis: ‘Als het lijkt alsof het nooit anders had kunnen zijn. Maar ik ga het heel snel al zingen. Het moet van geluid worden.’ Leffring: ‘Zijn er ook dingen die nooit afkomen?’ Spinvis: ‘Soms duurt het wel een jaar of vijftien voor iets dat ik gemaakt heb “landt”.’

    Leffring: ‘Gerard Reve is een van jouw lievelingsschrijvers. Grijp je tijdens het schrijven naar zijn werk terug?’ Spinvis: ‘In hoeverre laat je je inspireren… Inspiratie is… Je begint misschien met imiteren. Maar dat is vaak alleen maar nodig om op gang te komen.’ Leffring: ‘Soms krijg je door te imiteren inzichten in hoe iemand te werk gaat.’ Spinvis: ‘Het levert ideeën op.’ Leffring: ‘Wat dichters ook wel doen, is andermans gedichten in hun werk verstoppen. Bij wijze van eerbetoon. Doe jij dat ook?’ Spinvis: ‘Ja… ik heb ook wel iets van Reve gebruikt, een enkel zinnetje of een woord dat ik te mooi vind om niet te doen…’

    Spinvis schreef recent zeven kerstliedjes. ‘Er wordt vaak nogal stom gedaan over kerst, vooral in artistieke kringen. Het is bijna traditie om het af te doen als burgerlijk, maar ik vind het gewoon hartstikke leuk. De malle liedjes zingen, die malle boom neerzetten. We hebben gewoon heel veel behoefte aan tradities en rituelen. We zijn niet zo heel vaak met elkaar, niet alleen met mensen met wie je het toch al eens bent, maar met iedereen. Dat mis ik wel. Tradities zijn belangrijker dan ooit.’



    En dan is het eindelijk zo ver: Spinvis gaat spelen. Natuurlijk speelt hij ‘Bagagedrager’, het nummer waar hij 22 jaar geleden mee doorbrak. Maar hij opent, wat onzeker, met een nieuw liedje. ‘Ik ken het zelf ook nog niet zo goed’. Een setlijst heeft hij niet gemaakt: hij laat het voor een groot deel afhangen van zijn publiek. Bijna alle verzoeknummers willigt hij in. Een verzoek moet hij naast zich neerleggen, een nummer waarvoor absoluut een piano nodig is.