Hoe verhouden beeld en poëzie zich tot elkaar, en hoe creëer je als maker een waardige dialoog waarin het cineastische en het talige elkaar aanvullen? In het genre poëziefilms staan deze vragen centraal. Het is een interdisciplinair genre waarin de focus ligt op het verfilmen van een gedicht. Afgelopen weekend waren in het Oude Luxor Theater in Zutphen, ter gelegenheid van de derde editie van het Nederlands Poëziefilmfestival, 150 poëziefilms te zien, zowel van eigen bodem als van ver buiten onze landsgrenzen. Elke film was uniek in de benadering van de verbeelding van poëzie en de vele verschillende vormen en technieken die daarvoor werden gebruikt. Awater was aanwezig en deed verslag.
Tekst: Emma Blom
Foto's: Emma Blom en Frankje Huisman

Initiatiefnemer en medeorganisator Helmie Stil bracht het idee van een poëziefilmfestival mee naar Nederland na een poos in Engeland te hebben gewoond. In de afgelopen jaren heeft het festival zich steeds verder uitgebreid. Dat gold ook voor dit jaar, want er was ontzettend veel te beleven. Vrijdagavond werd het festival feestelijk geopend voor genodigden. De avond werd gepresenteerd door spokenword-artiest Elten Kiene, en er werd een van de allereerste Nederlandse poëziefilms vertoond: De 18 doden van Jan Campert. De film droeg het sentiment van het verzet in de Tweede Wereldoorlog uit in filmische zwart-witbeelden en een authentieke oud-Nederlandse stem. Muzikanten Jesse Dorrestijn en Paul Rombouts verzorgden muzikale begeleiding onder de gedichten van Hans Lodeizen, ter ere van diens honderdste geboortejaar, en sloten daarmee de eerste avond van het festival af.

Het festival organiseerde ook twee competitieprogramma’s: een voor scholieren en een voor autonome makers die zelf hun poëziefilm konden insturen. De scholieren werden door het festival begeleid bij het verfilmen van een gedicht, en hun werk werd tijdens het festival vertoond. De ingezonden films verschilden sterk van elkaar: er werd gebruikgemaakt van allerlei soorten animatie, van digitaal tot analoog, andere films toonden een dichter die voordroeg, en in sommige films rolde tekst over een stilstaand beeld. Door de uiteenlopende soorten poëziefilms verloor je soms de essentie; tegelijkertijd benadrukte dit ook de eindeloze mogelijkheden binnen het genre. De winnaars van het competitieprogramma waren Anne Vanschothorst en Diek Grobler, met de verfilming van ‘I haven’t told my garden yet’ van Emily Dickinson. De jury zei hierover: "‘een film die in elk detail de poëzie opzoekt, die beelden oproept vanuit een bijzondere zorgvuldigheid en een ingetogen en rake verbeelding. Het samenspel van het zeer fysieke beeld, de bijwijlen haast etherische harpmuziek en de mooie voordracht zorgt voor een eigen ritme dat er zeker toe bijdraagt dat het voelt alsof er voor de ogen van de toeschouwer een hele wereld wordt gecreëerd."

Naast de competitieprogramma’s werden ook films vertoond van Motionpoems USA en Poetry Filmtage Weimar, initiatieven uit respectievelijk Amerika en Duitsland, die al jarenlang aandacht besteden aan het maken van poëziefilms. Een selectie hiervan was afgelopen weekend te zien. In de kelder van café Uffie’s hield Wordbites Silent Poetry hun kantoor voor het weekend. Hier kon je als bezoeker binnen wandelen en waande je in een oase waar zinderende poëzie, elektronisch muziek en dans samensmolten. In het museum van Zutphen programmeerde het spokenword-platform Mensen Zeggen Dingen een filmische weerslag van dichters die ooit hun podium bestierden. Tussen alle films en poëzie door werden in de foyer panelgesprekken gehouden met de eregasten van het festival: Monique Hendriks, KASK Gent, H.C. ten Berge en Nyk de Vries.

De rode draad in de uiteenlopende programmering van het Nederlands Poëziefilmfestival was het opzoeken van de dialoog tussen poëzie en beeld. Het pittoreske stadscentrum van Zutphen was gevuld met films, initiatieven en bovenal creatieve geesten die durfden te experimenteren met het interdisciplinaire genre. Dit resulteerde in een scala aan interpretaties en uitingen van wat een poëziefilm kan zijn, en een gedeelde zoektocht naar wat een - korte - film tot een poëziefilm maakt. Het is een constante afweging tussen geluid, taal en beeld, die elk los van elkaar een poëtische ervaring dragen en samen iets kunnen uitdrukken wat ze individueel niet kunnen. Het is in die samenspraak van kunsten dat het festival een sfeer teweegbracht waarin bezoekers nader tot elkaar kwamen, vaak in een gedeelde poging te vatten wat zich eerder op het doek aan hen had gepresenteerd.
Aankomende Poëzieweek, van 20 januari tot 5 februari, biedt het festival een On Tour-programma aan met een selectie van films die afgelopen weekend vertoond zijn. Een bijzondere aanvulling op een week vol poëzie, en zeker de moeite waard!