Columns

Vanaf juli 2019 schrijft bijna wekeljks op deze plek een jonge, talentvolle columnist over poëzie in de breedste zin van het woord. Het huidige team van columnisten bestaat uit Daniëlle Zawadi, Malika Soudani, Quinten Langes, Willemijn Kranendonk, Rachel Rumai Diaz en Anne Bosveld. Het werk van de andere columnisten is natuurlijk ook terug te lezen.

 

<<Terug
  • Poldermagie

    Poldermagie

    Pascale Petit beschrijft de herinneringen en de verhalen van haar Indiase oma in haar achtste bundel Tiger Girl waarvan de titel verwijst naar het met uitsterven bedreigde roofdier en haar grootmoeder. De gedichten zijn ambigu van karakter en laten anders de natuur zien dan de romantische dichters die landschappen als schilderijen optekenden, waar bossen voor rust en heling stonden. Door de directe en activistische woordkeuze kan je als lezer de vraag stellen is Petit een ecopoet?Een dichter die zich uitlaat over het milieu en de schade die de mens veroorzaakt. Zo'n uitleg zou simpelweg niet genoeg zeggen over het verhalende karakter dat deze gedichten in zich dragen, maar het antwoord is zeker na het lezen van het gedicht #ExtinctionRebellion (ook in deze bundel) ja én…

    In tegenstelling tot het romantische beeld van een stille, schone natuur zonder mensen die vogels opjagen, waar we in deze pandemie allemaal naartoe trekken om onze beeldschermen te ontvluchten, kaart Petit de nijpende situatie van flora en fauna aan met als grootste tegenstelling hetzelfde decor in mythische en sprookjesachtige context. Het zijn zintuiglijke beschrijvingen van familieverhalen waarin actuele gebeurtenissen en vervuiling vlijmscherp benoemd worden zonder pathetisch te zijn.

    Her teeth
    Give me my grandmother back, even
    the nights when her tiger-teeth shone
    in the Stradent glass by her bedside.

     
    Onder andere in dit gedicht en de teksten waarin de jungle een grotere rol speelt, herken ik mijn familie en de foto’s met palmen en oerwoud op de achtergrond. Als ik er lang genoeg naar kijk, ruik ik de zon en proef ik de luchtvochtigheid. Situaties die in mij resoneren doordat ik ze in verhalen heb gehoord, maar die toch onbekender zijn dan kikkers vangen op de dijk of kleefkruid uit mijn krullen plukken. Is het de herkenning en tegelijkertijd de abstractie ervan dieTiger Girl magisch maken? Herken ik een omgang met taal die ik mis in het Nederlandse register?

    Mijn zusje geeft mij Layangan, een bundel uit 1996 van twaalf Indo-Europese dichters, en probeer al lezend te kijken of ik hierin mijn antwoord vind. Het zijn stemmen waarin ik het bekende gemis lees en observaties waaruit schoonheid blijkt, maar waaruit ik geen magie kan destilleren. Misschien is dat ook een onmogelijke opgave als je naar iets verlangt en het niet grijpen kan. In Between, een Engelstalige en Indonesische uitwisseling in gedichten tussen de Indonesische schrijver Angelina Enny en Indische schrijver en muzikant Robin Block laat beter zien wat ik zoek. Een gedeelde herkenning vanuit verschillende perspectieven geschreven in dialoog met elkaar. Waarin herinnering, verhaal, traditie en kritiek op de geschiedenis een stem krijgen. Hoewel heel anders danTiger Girl zie ik dezelfde noodzaak om de eerdere generatie en de daarbij horende verteltraditie zichtbaarder te maken en voort te zetten. In mijn schrijven verenig ik ook die erfenis, het prikken van de april hagel in mijn gezicht terwijl ik op mijn fiets door de polder ploeter en in de stilstaande sloot een blikje frisdrank in het nest van de meerkoet zie verwerkt.


    5 mei 2021