Columns

Iedere week schrijft een jonge columnist over poëzie in de breedste zin van het woord. Onze vijf columnisten zijn Kevin Amse, Maureen Ghazal, Siham Amghar, Hava Özbas en Willemijn Kranendonk.
<<Terug
  • Noenoe

    Noenoe

    Mijn pen raakt het papier en maakt van mijn speels erotische gedachten een grijpbare tekst. Woorden die nu van de lezer zijn, niet enkel meer van mijn sensuele wensen. Een gedicht dat ieders fantasie voeden kan, tijdens of na het lezen ervan. Een gedicht dat ik schrijf wanneer ik veilig ben, in mijn eigen ruimte, zonder ogen die mij aanstaren en iets van mij willen of verwachten.


    Zo gebruik ik woorden die ik gebruiken wil, ongecensureerd. Een pik is een pik, een kutje is een kutje en op papier neem ik deze woorden in de mond. Omdat het kan. De pen en het papier oordelen niet over de woorden die er komen. Niets is privé, onbespreekbaar, té vulgair. Wel vulgair. Zoals ik het bedacht.
    Als kunstenaar, als poëet. 


    Wanneer ik naar  een voordrachtsavond ga, zie ik graag een prikkelende performance. Ik zit daar en ben volledig gefocust op de schrijver en zijn tekst. De woorden komen meteen binnen, of gaan langs mij heen en in alle gevallen maken deze woorden mij nieuwsgierig. Een vurig verlangen borrelt op.


    Hij heeft haar uitgekleed, alsof zij dat zelf niet kan, of alsof hij niet meer weet wat te doen met dat dwangmatige geil. Haar donkerbruine tepeltjes zijn stijf en hij bijt in de linker, likt van haar borst naar haar nek. Draait haar van zich af en slaat op haar kont. Zij giechelt een oncontroleerbaar lachje en streelt met haar handen over haar zachte dijen, spreid haar benen en laat hem bij haar naar binnen. Hij zet zijn hand op haar onderrug, waar twee diepe kuiltjes in gegraveerd zijn. 


    Zo ga ik na-sissend naar huis. Zo heb ik de rest van de avond om in de levensgrote spiegel te ontdekken hoe diep de kuiltjes in mijn onderrug gegraveerd zijn. Hoe diep het verlangen naar teksten als deze gaat en hoe lief mij deze ongecensureerde voordrachten zijn. De tekst en het gevoel dat de kunstenaar mij geeft met zijn lichaamstaal, gezichtsuitdrukkingen en stem neem ik mee naar huis en mee naar later. Zijn tekst is nu van mij. Ik pas hem aan naar mijn fantasie en laat hem mij prikkelen hoe en wanneer ik geprikkeld worden wil.


    Op Instagram volg ik fenomenale vrouwen die zich focussen op een sensuele reis, hun zoektocht naar zelfacceptatie. Al dansend laten zij hun prachtig naakt zien en geven zij kracht aan eenieder die hun reis volgt. Van Instagram mag je geen tepels laten zien, maar met onze ontblote borsten dansen wij om deze lelijke regel heen. In die bewegingen ligt de vrijheid waar wij met zijn allen zo naar op zoek zijn. Kunnen zeggen en doen waar ons lichaam en geest behoefte aan heeft. Niet denken aan wat de ander wil of verwacht van ons. Voor onszelf en voor elkaar creëren. Het is betoverend, poëzie. Een wereld waarbinnen alles mogelijk is. Regels waartussen een leegte bestaat die naar eigen wens kan worden ingevuld door de lezer.
     


    Als ik schrijf bestaan er woorden die ik niet censureer, vulgair, prachtig bloot, zoals ik het bedacht. Er is vrijheid om te bewegen naar waar ik in mijn werkelijke wereld alleen van dromen kan. Die vrijheid is gesprekken voeren over verandering en nieuwe plekken bezoeken en met vreemde geliefden dansen en zonnen zonder kleren aan. In werkelijkheid zap ik weg wanneer er een zoenscene op tv is en twijfel ik of ik een bh onder mijn witte shirt moet aantrekken, al draag ik er anders nooit een.Wanneer mijn dochter haar beestje bij de naam noemt, laat ik anderen toe haar te corrigeren. In mijn gedichten zoen ik binnenste schaamlippen en in het echt heet het geslachtsdeel van mijn dochter nu ‘noenoe’. Schrijf daar maar eens poëzie over.

    14 augustus 2019