Columns

Iedere week schrijft een jonge columnist over poëzie in de breedste zin van het woord. Onze vijf columnisten zijn Kevin Amse, Maureen Ghazal, Siham Amghar, Hava Özbas en Willemijn Kranendonk.
<<Terug
  • In de kelder

    In de kelder

    Op 28 augustus 1984 wordt een meisje door haar vader opgesloten in de kelder onder hun appartementencomplex. De vader heeft de ruimte ingericht als gevangenis. Er is een gootsteen, een klein bad. Het meisje, Elisabeth, ziet vierentwintig jaar geen daglicht. Zij baart ondergronds zeven kinderen, waarvan er een overlijdt na de geboorte. Drie van de kinderen groeien boven op, drie anderen blijven beneden.

    Hagar Peeters schrijft in haar bundel De schrijver is een alleenstaande moeder:



    Acht betonnen deuren, de laatste
    niet lichter dan driehonderd ton,
    vielen onophoudelijk in het slot
    als het zoveelste zegel
    nadat hij dwangmatig bij mij
    tot genot was gekomen

     

    Tijdens het lezen van het gedicht In de kelder van Peeters, raakte ik volledig ontregeld. Eerst dacht ik dat de schrijfster de ‘ik’ in het gedicht was, later kwam ik erachter dat Elisabeth spreekt. Elisabeth is de dochter van Joseph Fritzl en door hem vierentwintigjaar opgesloten in een kelder. Het gedicht is kil, koud en eng. Het is angstaanjagend. Ik werd boos op de schrijfster, omdat ze mij mee de kelder in sleurde.

     

    Een zuigeling per vijfhonderd keer ontering
    gaf hij mij om alleen te baren
    in het onderaardse met de te lage
    plafonds, mijn oudste zoon groeide gebogen
    van het niet recht kunnen lopen

     

    Hagar maakt mij Elisabeth, maakt de lezer een gevangene. Het is de poëzie, de literatuur, die ons meeneemt naar plekken waar we anders niet durven te komen. In verhalen dalen af naar een plek waar de grote woorden opgeslagen liggen. Daar gaan we op zoek naar een diepere betekenis.

    Dit gedicht brengt de marteling die Elisabeth en haar kinderen hebben moeten doorstaan opnieuw onder de aandacht. De kracht van de afbrekingen en kale taal geven dit verhaal een nieuwe laag. Ik was in Amstetten en bij alle kinderen die vastgehouden worden, want dat zijn er waarschijnlijk meer dan we denken.

    Op 19 april 2008 wordt de oudste dochter naar het ziekenhuis gebracht omdat ze alle haren uit haar hoofd trekt. Er wordt een oproep op televisie gedaan. Kan moeder haar dochter komen helpen? Elisabeth ziet dit ondergronds op nationale televisie. Na lang aandringen laat Fritzl Elisabeth op 26 april vrij om Kerstin te zien. Haar zonen voegen zich bij haar.

     

    In het ziekenhuis deed ik pas na lang aandringen verslag,
    in angst dat toch niemand mij geloven zou,
    maar eindelijk gescheiden van mijn verkrachtermartelvader
    en met de garantie dat dat voortaan zo bleef
    (…) het kwaad had zich in de banale uitdossing
    van een liefhebbende hardwerkende vader gehesen.

     

    15 januari 2020