Nieuws

<< Nieuws
  • Poetryslam, aflevering 2: Ozan Aydogan

    Poetryslam, aflevering 2: Ozan Aydogan

    Gepubliceerd: 8 april 2018

    Merlijn Huntjens interviewt tien poetryslammers over poetryslam. Ozan Aydogan is de tweede uit dit rijtje. De theaterschrijver en acteur won dit jaar de felbegeerde Gouden Vink op het NK Poetry Slam.
    Beeld: Yuri Hiensch

    Het zal niemand onopgemerkt zijn gebleven dat de titel ‘Slampion 2018’ van jou is. Wat is er in jouw ogen allemaal gebeurd op dat NK afgelopen januari?
    Ik herinner me eigenlijk niet veel meer. Behalve de energie van het publiek. Dat was overweldigend. Het publiek was wakker en open. Daar staan was een dialoog. Ik ben ervan overtuigd dat je het samen met de mensen doet die er zijn. Je ontneemt een schilder ook niet zijn/haar canvas, een trompettist niet de trompet, je begrijpt me.

    Met Daniël Vis sprak ik eerder over het beeld dat wel eens over slammers zou kunnen bestaan. In hoeverre identificeer jij je met dat beeld dat Vis schetst?
    Ik ben daar, eerlijk gezegd, helemaal niet mee bezig. Ik stapte de planken op met mijn werk omdat ik uit de lokalen van de schrijfopleiding wilde breken. Ik kwam daar tot het inzicht dat ik op de frontlinie wilde staan. Daar waar tekst belichaamd wordt. Waar ze opstijgt of neerstort. En dat is waar het voor mij uiteindelijk om gaat als je voordraagt; heel je zijn moet ten dienste staan van het werk. In mijn stukken is er vaak sprake van een (fysieke) plek. Ik moet niet op slechts het podium staan maar vooral op de plek waar het stuk zich afspeelt. Ik benader ze als monologen. Ik vermoed dat het verschil tussen voorlezende dichters en de dichters die uit het hoofd voordragen is dat ik als papierloze de imaginaire wereld van het papier los probeer te trekken en ruimtelijk probeer te maken.

    Doorbreek dat witte bastion stond er in Het Parool, als kop boven een foto van jou. De Nederlandstalige poëzie is wit en hoogopgeleid, staat in de inleiding van datzelfde artikel. Hoe sta jij hier tegenover?
    Ik wil geen diverse wereld. Ik wil een wereld waarin het niet uitmaakt wie waar vandaan komt. In zulke mate dat het niet eens meer uit zou maken als er alleen maar witte dichters zouden zijn. Ik denk dat dit op dit moment een pijnpunt is omdat er nog steeds sprake is van een bepaalde mate van onbereikbaarheid. Zowel in de industrie als in de hoofden van de reikende mensen. Als die (deels denkbeeldige) muren zijn stukgeslagen, is de kleur van een scene niets anders dan een indicator van welke culturen het lekkerst gaan op welke stroming(en). Wat ik probeer te zeggen is: het gaat er niet om dat alle dichters wit zouden zijn, het gaat er volgens mij om dat gekleurde dichters het gevoel hebben dat er een feestje gaande is waar ze niet voor zijn uitgenodigd. Ik ben hier nooit mee bezig geweest en heb net het nationale kampioenschap gewonnen. Wellicht kun je slechts slachtoffer worden van de dader waar je in gelooft. Hoe dan ook; laten we ons overgeven aan de kunsten en haar toestaan ons onze verschillen te laten overstijgen. Kunst is het spel van de universaliteit, een regelrecht appel op wat aan ons allemáál ten grondslag ligt.

    Wat heeft het NK Poetry Slam jou gebracht? Wat, denk je, kan (streven naar) een deelname op het NK andere slammers brengen?
    De bevestiging van het idee dat het niet uitmaakt wat je wint. Aan het einde van de dag zit je weer tegenover een wit vel papier dat je niet makkelijker gaat beschrijven omdat je een of andere titel draagt. Richt je gewoon op het zo goed mogelijk gehoor geven aan wat jij in je hebt zitten en neem het mee naar de mensen. Ik stond al op Mensen Zeggen Dingen voordat ik een optreden bij Mensen Zeggen Dingen won op het NK. Ik geloof niet in dichte deuren, ik geloof in stevige schoenen.


    STIL LIED
    Ozan Aydogan

    Iets zinkt klankloos.
    De nood verandert niets aan de streep.
    Nu strijkstokken breken in de wind,
    blijven snaren onaangeraakt.
    Haal uw hand van uw geluk;
    er word niets uitgehaald door een
    aangespoeld kind.