Clubkeuze

Elke editie kiest een panel van poëziekenners de meest interessante bundel van het seizoen. Awater-abonnees krijgen deze Clubkeuzebundel automatisch thuisgestuurd. Hieronder vindt u een overzicht.
  • 2014-2

    2014-2

    Dubbelportret

    De meest opvallende inzending voor de clubkeuze was deze keer Mens dier ding, de zevende bundel van Alfred Schaffer. Hij won al enkele prijzen met zijn eerdere bundels en deze zou ook hoge ogen kunnen gooien.

    De hoofdpersoon van de bundel is Sjaka, losjes geënt op de historische figuur van de tiran Shaka Zoeloe, maar ook op de fictie om deze man heen - en in hele gedeelten lijkt het om iemand anders te gaan. De bundel staat vol bijbels aandoend geweld en wreedheden (“Het leiden van een volk is als het snoeien van een tuin”), maar ook alledaagse beslommeringen, Twitter en televisieprogramma’s. 

    ‘Rijm en ritme, dat brengt me op het volgende.

    We hebben enkele oude bekenden van u bereid gevonden om, ja,

    ze zijn hier, daar achter die deur daar

    u heeft hen heel lang niet gezien

    ze zijn wat schrikkerig en licht verminkt – is er iets fout?’

     

    Meer dan in zijn eerdere werk, waarin Schaffer vooral uitblonk in losse, onheilspellende scènes en beelden, toont hij zich in deze bundel een soort filmmaker. Hij blijft de figuur van Sjaka volgen alsof hij een documentaire schiet. Hij probeert uit, struikelt, laat zich manipuleren, overstijgt de situatie en weet zijn onderwerp opnieuw bij het nekvel te pakken. Hij portretteert Sjaka niet alleen als tiran, maar ook als een bootvluchteling die met vele anderen in Europa terechtkomt (“Een enkeling viel onderweg van boord/ dat luchtte op maar nooit erg lang”) en die zijn plaats niet weet te vinden: “Soms sms’t hij TOEKOMST naar 3040.”

    Soms zijn de gedichten aangrijpend, soms ronduit flauw. Je weet niet waar je aan toe bent als je de pagina omslaat en daardoor blijf je ook nieuwsgierig naar het volgende: wat heeft Schaffer nog meer in huis?

    Met dit brede register aan stijlen en stemmen maakt de dichter een dubbelportret. Niet alleen is dit een gelaagde en grillige studie van deze Sjaka, maar ook een portret van de tijd en plaats waarin we leven. We zien het westen door de ogen van iemand die er graag bij wil horen maar er nooit in zal passen. “Ik zeg Weet u wel wie ik ben?/ Ja meneer, dat staat in uw le-gi-ti-ma-tie-be-wijs.”

    Zo speelt de bundel ook met de vreemde manieren waarop we kennis verzamelen, selecteren, afwegen en combineren. En waarop we poëzie schrijven. 

    Ester Naomi Perquin en Bas Belleman