Clubkeuze

Elke editie kiest een panel van poëziekenners de meest interessante bundel van het seizoen. Awater-abonnees krijgen deze Clubkeuzebundel automatisch thuisgestuurd. Hieronder vindt u een overzicht.
  • 2016-3

    2016-3

    Een weg worstelend naar de werkelijkheid
    Ellen Deckwitz en Joost Baars

    De bundels die werden ingezonden voor de tweede Poëzieclubkeuze van 2016 vormden een berg prachtige poëzie. Van het prikkelende debuut van Hanna van Binsbergen, de mooie ingetogen bespiegelingen van Eva Gerlach in Ontsnappingen tot het betoverende Dit is hoe het ging van Froukje van der Ploeg: het was een oogst aan parels. Het duurde lang voordat de juryleden overeenstemming hadden bereikt over wat het geschenk zou moeten worden. Het lyrische Wonderbaarlijk buigt zich over het water van Toon Tellegen? Of toch het meeslepende Alsof niemand hier onsterfelijk is van Jacobus Bos? Meerdere titels zijn in aanmerking gekomen om u als clubkeuze te worden toegestuurd. Uiteindelijk, na lang nadenken, herlezen en overleggen, is de keuze gevallen op de nestor van het stel: Roland Jooris.

    De afgemeten, spaarzame en abstract aandoende poëzie van Jooris lijkt in de eerste instantie over het schrijven zelf te gaan. Over wat het betekent om het wit van papier - waarvan er bij Jooris veel is - te doorbreken met taal. 'Je slikt je zingen in// Je kijkt naar wat je meent/ te weten// Een onthutst gerucht/ komt uit vervagen/ tevoorschijn', schrijft hij ergens in Bladgrond, zijn nieuwe bundel en de Poëzielubkeuze.

    Toch is dit niet wat de bundel uiteindelijk zo bijzonder maakt. Dat is het feit dat de gedichten van Jooris ondanks, of misschien dankzij, hun abstractie juist zo lichamelijk zijn. Jooris verhoudt zich tot het wit van het papier als een beeldhouwer. Je ruikt zijn zweet. Je hoort en ziet hem woest op dat wit inhouwen, als was het een rots. En het ís ook een rots, dat wil zeggen: het wit is niet het wit van het papier, maar van de wereld, van het onbepaalde. Jooris vlucht niet in abstracties, nee, hij worstelt zich een weg naar die wereld toe.

    En naar anderen ook. Zelden lazen we abstracte poëzie die tegelijk zo erotisch is. Neem het tweede deel van het tweeluik 'Duet':

     

    Hun in elkaar

    geborgen

    afzonderlijk geheel

     

    hun amechtig gezongen

    afzijdig zichzelf

    zijn

     

    hun opgaan

    als in een berglucht

    hun hijgen steeds

    ijler

     

    Dat Bladgrond even radicaal abstract als zinnelijk is, maakt van de bundel een bijzondere leeservaring, eentje die we verkiezen boven de andere bundels die ons in deze periode onder ogen zijn gekomen, omdat die in al zijn spaarzaamheid het meest compleet is, en op zoveel verschillende niveau’s kan worden gelezen, dat je hier uren van kan genieten.